Ik sta inmiddels weer in Hoogeveen. Tijdens het laatste deel van mijn reis heb ik veel nagedacht over alles wat me is overkomen, maar ook over wat die reis met me gedaan heeft. Het heeft me tot het besef gebracht dat alles wat gebeurd is onderdeel van mijn verleden zal blijven. Veranderen kan ik het niet meer.
Zou ik het anders gedaan hebben? Ik denk het niet. Ik ben nu eenmaal wie ik ben. Aan de buitenkant lijk ik misschien een afstandelijke en keiharde man, maar van binnen ben ik een zachtaardige, zorgzame en naïeve man, met zijn kuren en zijn eigen manier van in het leven staan en naar het leven kijken. Ja, dat sluit niet altijd aan bij de mainstream, maar daar heb ik vrede mee. Ik neem deze ervaring mee en denk dat ik er veel van geleerd heb.
Het opschrijven van dit verhaal heeft me geholpen. Ik heb alles teruggelezen en soms springen de tranen me nog in de ogen. Maar ik weet waar ik vandaan kom en ik heb altijd geprobeerd te zijn wie ik wilde zijn. Vooral tijdens mijn reis heb ik veel over mezelf geleerd. In het vervolg ga ik dingen zeker anders aanpakken. Het heeft namelijk geen zin om altijd maar te zeggen wat je ergens van vindt, ook al zit dat in mijn karakter, haha.
Dit is mijn laatste blog over de afgelopen jaren. Ik heb geprobeerd het op te schrijven vanuit mijn eigen perspectief, zonder te veel details te delen. Want zoals ik al eerder heb gezegd: dit is geen rancune of wrok, maar gewoon het van me afschrijven.
De kogel was door de kerk. Ik had opgegeven. En dat kon ik van mezelf bijna niet verdragen, want ik ben geen opgever. De eerste dagen zat ik alleen thuis met mijn ziel onder mijn arm. Mijn hart was gebroken en ik zat vol verdriet, want je wilt niet dat het zo eindigt. Ik heb nog nooit zoveel gehuild in mijn leven. Hoeveel kan een mens huilen? De tranen bleven maar komen.
De eerste periode hadden we nog contact. Niet omdat ik dat wilde overigens, maar er zat toch nog een deel in mij dat haar er niet alleen mee wilde laten zitten. Dus ik luisterde er maar naar. Ze was weer eens kwijt en ik werd gebeld met de vraag of ik wist waar ze was. Natuurlijk had ik geen idee. Dus ik maar bellen. En ja hoor, ze nam op: “Hé ouwe man”, gevolgd door nog wat dronkemanspraat. Gelukkig vertelde ze waar ze was, dus dat kon ik doorgeven.
Ik vond het op dat moment hartverscheurend. Ik kon niks doen en diep van binnen wist ik ook dat ik niks meer móést doen. Ik moest loslaten. Die fout had ik al eens eerder gemaakt. En ik weet: zachte heelmeesters maken stinkende wonden.
Zoals ik ben, heb ik toen maar meteen doorgepakt. Pragmatisch. Ik schiet dan gelijk in de doe-modus, dus ik maakte meteen een mail met daarin, globaal gezien, hoe we uit elkaar moesten gaan. Ik vond ook dat mijn inbreng groter was geweest en wilde daar compensatie voor. Voor de rest mocht van mij alles door de helft.
Maar op een gegeven moment ging het over details, en dat is echt mijn ding niet. Het leek erop dat we eruit zouden komen, totdat het opeens weer “ja, dat is van mij” werd. Dat trek ik slecht. Vervolgens kwam er een half juridisch opgestelde mail als reactie op mijn e-mail, en daar was ik aardig van overstuur van.
We maakten de afspraak om samen met haar zus om tafel te gaan om alles te bespreken en er een streep onder te zetten.
Ik ging boodschappen doen, want ja, het leven gaat gewoon door natuurlijk. Daar kwam ik een vriendin van haar tegen met wie ze al een tijdje geen contact meer had. Ik had haar eerder al eens gevraagd waarom ze elkaar niet meer zagen, maar daar kreeg ik een vaag antwoord op. Prima, dacht ik toen.
Ze keek een beetje schutterig naar me, alsof ze me liever niet wilde zien. Toch liep ik naar haar toe. “Jammer dat jullie elkaar niet meer zien,” zei ik.
Toen vertelde ze hoe het zat. Zij had er alles aan gedaan, maar kreeg geen enkele reactie meer terug. Daarna had ze nog een bericht gestuurd dat ze haar altijd mocht bellen, maar ook daar kwam nooit reactie op. Toen vroeg ze: “Hoe is het eigenlijk met jullie?”
Ik zei: “We zijn uit elkaar. En je weet vast wel waarom.”
Want als zij samen afspraken hadden, ging het er meestal serieus aan toe. Ik dacht in eerste instantie dat dat de reden was waarom ze niet meer kwam.
“Oh,” zei ze toen, “is ze er toch vandoor gegaan met die man uit Eelde?”
“Wat?” zei ik vol ongeloof.Ik luisterde nog een keer naar wat ze zei en zakte figuurlijk door de grond. Ik wist niet wat ik moest zeggen.
Thuis aangekomen was ik woedend. Of het verhaal waar was of niet, interesseerde me op dat moment niet meer. In mijn boosheid stuurde ik een berichtje: “Je had dus meer geheimen voor mij.”
Ze wilde het uitleggen, maar daar had ik totaal geen behoefte aan. Aan overleg ook niet meer. We handelen het wel via de mail af, dacht ik. Maar dat is helaas niet gelukt.
De laatste mail was een ultimatum van haar kant. Nou, dan moet je bij mij zijn, haha. Ik laat me niet zomaar vertellen wat ik wel of niet moet doen, zeker niet als ik het gevoel heb dat me onrecht wordt aangedaan. Dus dat ultimatum heb ik genegeerd.
Ik stuurde een pittige reactie terug. Achteraf gezien niet handig. In die mail zette ik namelijk uitgebreid uiteen hoe het allemaal zou gaan lopen en welke argumenten ik zou gebruiken om mijn gelijk te halen. Niet slim, maar als je zo emotioneel geraakt bent en zoveel onrecht voelt, maak je soms verkeerde keuzes. Achteraf gezien een hele dure keuze.
De volgende dag probeerde ik nog te bellen. Geen gehoor. Daarna bleef het stil. Helemaal stil, geen contact meer. Ook al onze gezamenlijke vrienden en mijn familie heeft ze tot op de dag van vandaag geen contact meer mee gehad, zelf niet met mijn kinderen, en ze was toch 13 jaar onderdeel geweest van ons gezin. Zelfs niet toen ik opa werd kwam er geen reactie naar hun toe.. Verbazingwekkend vond ik dat toen.
Dus ging ik maar naar een advocaat. Die zei: “We proberen eerst te mediëren.” Dus dat mailde ik naar haar met de vraag of we dat traject samen konden aangaan. Geen reactie.
Tijdens het tweede gesprek met mijn advocaat was ik echt helemaal van de kaart. Ze zei: “Tja meneer Nieland, dat heeft u niet zo goed geregeld. Huwelijksvoorwaarden, huis op haar naam, het geld op haar rekening… ik zeg het u eerlijk: u heeft geen poot om op te staan. Alles is van haar.”
En dat klopte. Dat hadden we ooit gedaan uit bescherming vanwege mijn verleden. Maar ze had altijd gezegd: “Dat zal ik je nooit aandoen.”
Gebroken ging ik naar huis. Ik stuurde nog een mail — ook niet handig als je er helemaal doorheen zit, maar achteraf weet je altijd precies hoe het had gemoeten. De strekking was: houd alles maar, ik kan prima voor mezelf zorgen. Hoop dat je er gelukkig mee wordt.
Toen kwam de eerste reactie van haar advocaat. Daarin stond dat inderdaad alles van haar was en dat mijn mail dat alleen maar bevestigde. Uit coulance wilden ze alimentatie en alles daaromheen afkopen voor een lullig bedrag. Daarbij moest ik het huis zo snel mogelijk verlaten én de helft van de kosten van haar advocaat betalen.
Daar heb ik eens goed over nagedacht.
Mijn advocaat zei vervolgens: “Om verder gezeur te voorkomen kun je er beter uit gaan. Dan laat je in ieder geval zien dat je van goede wil bent.”
Dus ik ging opruimen. Ook de inboedel moest ik laten staan, want die was volgens hen ook van haar. Alles was van haar: de camper, de auto, het geld.
Ik heb er nog keurig voor gezorgd dat het huis verkoopklaar was. Ik stond de makelaar te woord, regelde het energielabel — kortom, alles om het huis goed te kunnen verkopen. En daarna het huis verlaten. Daar stond ik met een koffer met kleren en verder niks.
Tijdens het opruimen van de mail op de laptop kwam ik een mail tegen aan onze notaris, met vragen over de huwelijksvoorwaarden. Die mail was nota bene verstuurd terwijl wij op reis waren. Even later vond ik ook nog een inschrijving bij de woningbouwvereniging.
Toen ontplofte ik bijna.
Het begon er steeds meer op te lijken dat alles met voorbedachte rade al langer gepland was. En toen ik daar eenmaal over had nagedacht, dacht ik: ik laat me niet als een mak lammetje naar de slachtbank leiden.
Dus ik ging de strijd vol aan.
Ik dook de hele administratie in, zocht alles uit en controleerde elke cent. Toen schrok ik pas echt hoeveel geld er naar haar rekening was gegaan en hoeveel ik allemaal had betaald. Maar ja, als je zeven jaar lang door blijft akkeren, loopt dat flink op.
Na bijna twee weken had ik alles uitgezocht en aangeleverd bij mijn advocaat.
Geen reactie.
Mijn advocaat ging er opnieuw achteraan. Weer geen reactie. Toen stuurde ze een dreigende mail dat we naar de rechter zouden stappen. Pas toen kwam er een reactie: ze was een paar weken naar het buitenland en kon daardoor niet reageren.
Dus wachtten we maar weer af.
Inmiddels had ik uitgezocht dat er zeker nog zaken tussen zaten die van mij waren, en daar wilde ik duidelijkheid over.Na opnieuw vragen van mijn advocaat kwam er eindelijk een reactie. Kort gezegd: ik kon doodvallen. Haar advocaat werd persoonlijk en verkondigde onjuistheden.
Dus besloten we de gang naar de rechter te maken en beslag te laten leggen op spullen waarvan ik vond dat ze van mij waren.
Via via kreeg ik vervolgens te horen dat de camper op Marktplaats stond. Mijn advocaat meteen in de pen. Hun reactie: “Hoe komt u erbij dat deze op Marktplaats staat?”
Nou, omdat wij letterlijk een advertentie hadden gevonden.
Maar nee hoor, volgens hen stond hij er niet op. Zelfs met foto’s bleven ze dat ontkennen. Waanzinnig, dan voel je je wel erg dom.
Daarna volgde opnieuw een reactie waarin ik persoonlijk werd aangevallen. Erg ongepast en wat ons betreft ook onprofessioneel. Hun tactiek leek erop gericht om me gewoon uit te roken totdat ik het zou opgeven.
Na al dat heen-en-weergesoebat vroeg mijn advocaat: “Als je nu iets zou moeten noemen om er helemaal vanaf te zijn, wat zou dat dan zijn?”
Ik zei: “Niks. Ik wil mijn gelijk en mijn recht halen.”
Ik was zó woest, boos en tegelijkertijd enorm verdrietig dat het op deze manier moest gaan. Ik had nooit verwacht dat zij dit zo zou doen.
Ik heb het al eens eerder gezegd: achteraf weet ik ook niet of ik het haar volledig kwalijk kan nemen. Ze was ziek en liet zich denk ik leiden door haar omgeving.
Maar ik bleef zeggen: “Ga maar naar de rechter.”
Mijn advocaat bleef herhalen: “Gelijk hebben is niet hetzelfde als gelijk krijgen. En in zo’n traject haal je alle wonden weer volledig open. Bovendien weet je nooit hoe een rechter hiernaar kijkt.”
Ze zei zelfs: “Robert, denk er alsjeblieft nog eens goed over na. Je moet jezelf dit niet aan willen doen.”
Inmiddels was ik door het verdriet en de hele situatie emotioneel compleet ingestort. Ik was enorm afgevallen, liep bij een psycholoog en kreeg medicijnen om te slapen en een beetje rustig te blijven. Ik liep regelmatig bij de huisarts en de praktijkondersteuner. Ik dacht: ik moet dit niet allemaal opkroppen.
Daarnaast probeerde ik toch structuur te houden. Op tijd naar bed, gezond eten, niet drinken en veel sporten en wandelen.
Tijdens die wandelingen heb ik eerlijk gezegd de vreselijkste dingen bedacht. Het voelde allemaal zó onrechtvaardig. Mijn spullen, mijn geld, mijn erfenis, ons huis… zomaar weg. Want het huis was inmiddels verkocht en de overwaarde was serieus.
Maar mijn advocaat bleef me waarschuwen.
Toen kwam er vanuit de andere kant de vraag wat ervoor nodig was om een rechtszaak te voorkomen. Mijn advocaat was inmiddels al bezig met de procedure en nadat zij om verhinderdata hadden gevraagd, kwam ineens die vraag.
Blijkbaar begrepen ze inmiddels dat ik het niet zomaar zou laten lopen.
Na veel gesprekken met mensen om me heen en een paar lange wandelingen besloot ik uiteindelijk toch dat ik er gewoon vanaf wilde zijn.
We deden een voorstel met een ultimatum.
En je raadt het al: geen reactie.
Dus stuurden we alles alsnog naar de rechtbank. En geloof het of niet, toen kwam ineens het telefoontje dat ze akkoord gingen.
Mijn eerste reactie was: jammer dan, te laat. Maar mijn advocaat dacht daar anders over. “Denk er toch nog eens goed over na,” zei ze. Na lang nadenken wilde ik uiteindelijk toch akkoord gaan, maar er moesten nog een paar dingen aangepast worden.
En weer kwam er geen reactie.
Pas na herhaaldelijke pogingen van mijn advocaat kwam eindelijk het bericht dat ze akkoord gingen. Een van de voorwaarden was dat haar advocaat het convenant zou opstellen. En je voelt hem waarschijnlijk al aankomen: dat duurde… en duurde… en duurde.
Geen reactie op de vraag wanneer het convenant zou komen.
Na twee maanden zei ik: “Klaar ermee. Stap maar naar de rechter.”
Toen kwam er ineens wél een antwoord dat ze ermee aan de slag zou gaan.
Het was inmiddels december geworden. Ik had gezegd: als het voor kerst rond is, dan ga ik akkoord.
Uiteindelijk duurde het alsnog tot half februari.
Ik vond het ongelofelijk hoe ze met alles omgingen. Toen kon het ineens allemaal met kokend en stomend water geregeld worden. Ik kon de volgende dag bij haar advocaat tekenen.
Naast het feit dat haar advocaat regelmatig simpelweg mailtjes met reacties van haar doorstuurde, waren ze ook nog vergeten haar alle pagina’s te laten paraferen. Ongelooflijk toch.
De tegenpartij zou ook de verdere afhandeling bij de rechtbank verzorgen. Maar ook dat duurde eindeloos, totdat ik opnieuw zei: “En nu is het klaar.”
Het laatste stukje lag uiteindelijk aan mijzelf. Omdat alles zo lang duurde, was ik alweer op reis gegaan terwijl ik nog iets moest tekenen. Dat lukte dus niet meer.
Maar blijkbaar geldt dat als je zes weken lang geen verweer indient, alles automatisch geregistreerd wordt. Die termijn is inmiddels voorbij, dus ik ga ervan uit dat we nu definitief van elkaar verlost zijn.
Mijn advocaat heeft zich ook vreselijk geërgerd aan de tegenpartij. Altijd wachten op reacties, halve antwoorden of helemaal niks.
Ze zei eerlijk: “Dit werk doe ik al heel lang, maar dit heb ik nog nooit zo meegemaakt.”
En ik denk dat dat de lading wel dekt.
Nu is er nog wat gedoe over de financiële afhandeling van belastingen en toeslagen. Op wat mijn advocaat stuurt, krijgen we nauwelijks reactie. En als er al een reactie komt, beantwoorden ze maar de helft van de vragen.
Maar inmiddels ben ik zover dat ik denk: het zal wel.
Ik wens je geluk met die laatste paar euro’s. Ik hoop dat je gelukkig wordt van al die spullen en dat geld. Zelf kan ik me dat niet voorstellen. Ik kan geen geluk halen uit spullen of geld van een ander.
Maar goed, wie ben ik.
Ik laat het daarom maar voor wat het is. Ik wil me er niet meer aan ergeren. Ik heb er inmiddels genoeg verdriet van gehad en het verleden kan ik toch niet meer veranderen.
Negatieve energie wil ik niet meer. En ik heb er ook geen behoefte meer aan om er steeds opnieuw aan herinnerd te worden.
Ik pak mijn eigen leven weer op.
En wat ze uiteindelijk nog overmaakt? Dat stort ik wel naar het Leger des Heils.
Het reizen heeft me rust gebracht en ik sta weer met beide benen op de grond. Op naar de toekomst, want die zie ik weer met mooie dingen tegemoet.
Je moet er zelf een feestje van maken, elke dag opnieuw. En de slingers ophangen doe ik dan ook. Want dat is mijn grondhouding: een dag niet gelachen, is een dag niet geleefd.
Mijn glas was even helemaal leeg, maar inmiddels is het weer halfvol.
Ik wil deze blog afsluiten met twee dingen.
Allereerst wil ik iedereen bedanken voor alle mooie, lieve en steunende berichten. Door mezelf kwetsbaar op te stellen heb ik geleerd dat mensen dan echt bereid zijn om je te helpen. Collega’s en kennissen uit het verleden namen contact met me op en dat heeft me ontzettend goed gedaan.
En aan jou wil ik nog één ding zeggen.
Bedankt voor de mooie momenten die we samen hebben gehad. Bedankt dat je mijn maatje was. Want ondanks alles zijn die momenten er zeker geweest. En deze neem ik als mooie herinnering mee.
Ik hoop oprecht dat je je problemen onder controle krijgt en dat je uiteindelijk kunt leven met alles wat jou vroeger is aangedaan. Niemand verdient wat jij hebt meegemaakt.
Voor wat jij mij hebt aangedaan vergeef ik je. Ik kan het je uiteindelijk niet eens volledig kwalijk nemen. Ik kan mezelf alleen verwijten dat ik dingen niet anders heb aangepakt.
Het ga je goed.
Einde
Het leven gaat verder. Met een lach en met een traan.
Nu zonder kilometers
Geef een reactie