Ik begin deze keer ook maar even met de huidige stand van zaken. Ik sta nu in Tarifa en ben aan het twijfelen of ik naar Marokko ga. Lijkt me wel interessant!
Nadat ik mijn reisgenoot had afgezet, ben ik het een stuk rustiger aan gaan doen. Ik ga een beetje van dorpje naar dorpje, rustig aan. Lekker wandelen, sporten en af en toe even naar mezelf in de spiegel kijken. Of, zoals ze dat zo mooi zeggen: even naar je navelstaren.
Dan moet ik gelijk denken aan een coach die ik ooit had tijdens mijn management development opleiding bij De Baak. In een van de eerste sessies vertelde hij dat hij bij een groot internationaal bedrijf werkte en het helemaal gehad had. Hij had ontslag genomen en was naar Nepal vertrokken om daar op zoek te gaan naar zichzelf.
Daar schoot ik toen flink van in de weerstand.
Ik zei: “Wat heb ik aan zulke verhalen? Ik moet gewoon zorgen dat er eten op tafel komt voor mijn kinderen en dat de hypotheek betaald wordt.”
En nu, heel wat jaren later, begrijp ik dondersgoed wat hij toen bedoelde. Dat ik zo in de weerstand schoot zegt ook wel iets over hoe ik er toen in stond. Ik stond helemaal niet open voor zulke veranderingen.
Misschien zijn mijn ogen toen toch een klein beetje geopend. Met die coach heb ik trouwens nog steeds contact. We lachen elke keer weer om dat verhaal. En dan zegt hij steevast:
“Jij bent zeker niet conflictmijdend, maar stel jezelf nou eens de vraag: wat bereik je ermee?”
Dat was een hele goede vraag. Daar heb ik vaak over nagedacht. Ook nu weer. En het is lastiger dan ik dacht.
Kan ik mezelf veranderen? Daar ga ik nog eens rustig over nadenken.
Maar goed, weer even terug naar het verhaal.
Ik dacht dat we in rustiger vaarwater waren gekomen. We waren allebei aan het werk en bezig met alle normale dingen die iedereen doet. Toch bleef bij mij de vraag hangen wat er nou precies aan de hand was. Zulk gedrag kun je toch niet als normaal beschouwen.
Op een avond, waar de drank weer rijkelijk vloeide, kwam uiteindelijk het hoge woord eruit. Het verhaal achter alles kwam boven tafel. Ik vind het niet gepast om dat verder toe te lichten; dat heeft ook weinig toegevoegde waarde. Laat ik het erop houden dat ik meer begrip kreeg voor de situatie.
Met alle kennis die ik in de loop der jaren had opgebouwd, dacht ik: daar kan ik wel wat mee. Maar dan moet het verhaal wel van twee kanten komen. Alleen… ze bleef gesloten als een oester eb die ging met geen mogelijkheid open. Ik wist dat het zo ook niet tot een oplossing zou komen.
Wat ik ook probeerde, een echt gesprek hierover kwam er niet.
Tot de emotie weer een hoogtepunt bereikte en ik zei: “Ga nou eens naar de dokter.”
Gelukkig is dat gebeurd. Wat er precies besproken is weet ik niet, dat hield ze voor zichzelf. En dat vond ik prima. Het belangrijkste was dat ze er met iemand over sprak.
Doordat ik nu iets meer wist van de achtergrond, kon ik dingen beter plaatsen en meer begrip tonen. Ik begon ook te begrijpen dat alcohol, met zijn verdovende werking, een vorm van ontspanning of ontsnapping moest zijn. Daar spraken we ook wel eens over: dat het toch geen echte oplossing was.
Maar ja… wie ben ik.
Wat ik wel opvallend vond was dat in het begin gezegd werd dat bij haar thuis alles besproken kon worden. Dat bleek ook zo te zijn… zolang het maar over een ander ging. De echte problemen werden niet besproken.
En dat begon me steeds meer te irriteren.
Wat wel regelmatig besproken werd, was dat ik een “oude viezerik” zou zijn. En dat was niet één keer. Ja, ze was een stuk jonger dan ik. Daar heb ik het eerder over gehad. Maar voor ons stond dat eigenlijk nooit echt in de weg.
We zitten inmiddels in 2014. We waren verhuisd naar Hoogeveen. Het huis die ik huurde ging in de verkoop, dus vandaar de verhuizing.
Daar kabbelde alles weer verder.
In die zomer maakten we een prachtige reis door de Verenigde Staten. Een mooie rondreis. Wat me wel begon op te vallen, was dat er altijd drank moest zijn. Voordat we naar een hotel gingen, stopten we vaak nog even bij een tankstation om wat te halen. Zelf was ik daar niet zo mee bezig, maar het begon me wel op te vallen.
Ondertussen had ik ook een andere baan gevonden, bij de buurman die tegenover mij woonde, weer in de IT. Heerlijk was dat. Ik was gewoon accountmanager en alleen verantwoordelijk voor mezelf. Dat beviel me prima.
En weer kabbelde alles voort.
We hadden een gezellig café gevonden in Hoogeveen: De Pastoor. Daar zaten we graag aan het einde van de werkweek om onder het genot van een borreltje de week door te nemen.
Over dat weekend hebben we trouwens regelmatig discussies gehad. Voor mij is weekend zaterdag en zondag. Maar als je in de zorg werkt, ligt dat natuurlijk anders. Dan heb je op andere dagen weekend.
Het kwam dus regelmatig voor dat er op een doordeweekse dag al een borrel op tafel stond, want het was immers weekend. En dan kwam het “normale” weekend er ook nog aan… en dan was het weer weekend.
En ja, in het weekend mag je een borrel drinken.
Langzaam maar zeker werd er steeds meer gedronken.
In die periode begon mijn vader ook wat achteruit te gaan. Hij had zijn rug gebroken na een val en had een tijdje in een herstelhotel gezeten. Hij krabbelde weer wat op, maar werd niet meer helemaal de oude. Hij was inmiddels 87.
Tot zijn val was hij nog erg actief. We golfden regelmatig samen. Maar goed, verderop in het verhaal komt hij nog wel terug.
Ondertussen kabbelde het leven verder.
Ondanks de meningsverschillen over alcohol had ik het goed naar mijn zin. Wat ik nodig had, wist zij mij vaak te geven. Ze liet me duidelijk merken als ik te horkerig was naar iemand toe, of naar mijn kinderen. Daar heb ik veel van geleerd.
Ze riep me ook regelmatig tot de orde als ik weer eens vol gas ging. Bij mij was het vaak maar één stand: plankgas. Ik had ook nooit de rust om televisie te kijken. Nou ja, kijken… als ik televisie aanzette vielen mijn ogen meestal binnen vijf minuten dicht.
Langzaam begon ik te leren dat niet alles vandaag af hoeft. Dat zat er bij mij behoorlijk ingebakken, maar ik begon het te leren. En eerlijk gezegd beviel dat ergens ook wel.
Het was inmiddels ergens in 2015. Omdat ik echt dacht dat het onmogelijk was om voor de tweede keer de liefde van mijn leven te vinden, heb ik haar ten huwelijk gevraagd.
Ik merk dat ik alweer aardig wat heb geschreven.
De volgende keer vertel ik verder over ons huwelijk en wat daarna gebeurde.
Terwijl ik dit schrijf, krijg ik een telefoontje van mijn advocaat. De tegenpartij heeft gesommeerd dat ik per direct moet stoppen met mijn blog.
Tja… ik begrijp donders goed dat de waarheid niet altijd leuk is. Maar voor alle duidelijkheid: ik schrijf deze blog vanuit mijn perspectief. Onder geen enkele voorwaarde wil ik iets respectloos of belastends opschrijven.
De reis gaat verder.
In kilometers én in woorden.
En inmiddels ook met tranen. Want het is best emotioneel om dit allemaal op te schrijven.
Geef een reactie